nieuwe maan
Welkom De maan De Natuur De Magie De Mystiek
 

Wat vind ik hier?

Artikelen over tradities en jaarfeesten op het noordelijk halfrond.
 
Belangrijke links

Gastenboek

Kalender

Weblog

website overzicht

Startpagina

Contact

Linkpagina

De Brigida bron

brighida_bron Rijksmonument nummer: 34805
 

De Sint-Brigidabron is een bron in de buurtschap Wesch in Noorbeek in de Nederlandse Zuid-Limburgse gemeente Eijsden-Margraten. Hier ontspringt het beekje de Noor die zich verder afwatert via de Voerstreek naar de Voer en de Maas.De bron dankt haar naam aan de patroonheilige van het dorp Noorbeek Sint-Brigida.
De Sint-Brigidabron ontspringt onderaan de helling van de heuvelrug waar Bergenhuizen ook op ligt. Hier heeft men om de bron een stenen huisje gebouwd waarin het water uit de grond komt. Daarna stroomt het water door de hier gelegen wasplaats uit de 18e eeuw. Deze bestaat uit een gemetselde 
kade, een trapje om bij het water te komen, twee bolvormige ornamenten die het trapje flankeren en een pijler van baksteen met een natuurstenen bekroning. Na het kruisen van de weg Noorbeek-Mheer kan de beek vrij zijn weg vervolgen door het Noordal.

Maria lichtmis

maria_lichtmis_processie

Op Maria-Lichtmis worden traditioneel kaarsen gewijd en een kaarsenprocessie gehouden vóór de mis; vandaar de naam lichtmis. In veel talen verwijst de naam van 
het feest rechtstreeks naar kaarsen: (Zweeds: Kyndelsmässodagen, Frans: Chandeleur). De processie staat symbool voor de intrede van Christus in de tempel van Jeruzalem, als het “Licht dat voor alle volkeren straalt

Het is tevens de traditie dat er op Maria-Lichtmis pannenkoeken gegeten worden. Dit wordt uitgedrukt in het gezegde: Er is geen vrouwtje nog zo arm, of ze maakt haar pannetje warm, al heeft het 
woord 'pannetje' in het oud Nederlands taalgebruik ook nog een seksuele bijbetekenis.

Brigit kruis maken

Traditioneel worden met imbolc Brigit kruisjes gemaakt van stro, maar je kunt natuurlijk ook pijpenragers of rietjes gebruiken.

Neem twee strootjes en kruis ze in het midden. Vouw de tweede om de eerste. Neem een derde strootje en vouw deze om het tweede strootje, parallel aan het eerste strootje. Je hebt nu een arm met één strootje, een arm met twee strootjes en een arm 
met drie strootjes. 
Neem nu een vierde strootje en vouw dit om de arm met drie strootjes zodat een kruis ontstaat. Het vijfde strootje vouw je om de laatst gevormde arm, parallel aan de arm met maar één strootje. Dit herhaal je met de klok mee tot het vierkantje in het midden van de gewenste grootte is. Tot slot bind je de uiteinden van elk van de vier armen samen met lint.

De volgende methode werkt met twee 
strootjes tegelijk. 
Ontdek zelf wat je mooi vindt. 





brigit_kruis_3










Paasvuren

Nederlandse dominees rapporteerde er voor het eerst over in de 17de eeuw. De functie van dit gebruik was om het snoeihout uit boomgaarden te verbranden, wat tevens bruikbare mest opleverde. Allicht zal men met laaiende vuren ook de lente hebben verwelkomd.Aan het begin van de twintigste eeuw leek de traditie te verdwijnen, die slechts door en voor kinderen in leven bleef. Kinderen waren het die met bedelliedjes brandbare spullen aan de deuren ophaalden. 

He' je ook òlle wannen, die we poasken brannen? He' je ook 'n bossien stro of riet? 
Aans he'w'
poaskenmoandag niet.

Wannen zijn rieten manden waarmee het kaf van de koren werd gescheiden. De zaterdag voor pasen werd dan ook wel oude wannendag genoemd.

Bij katholieken ging daar dan op Eerste Paasdag en bij protestanten, die een strikte zondag eerbiediging kennen, op Tweede Paasdag de vlam in. Eigenlijk was het fikkie stoken, want de vuurtjes waren, aldus de berichten, vaak niet hoger dan een stoel.Volgens de volkskundige Ton Dekker kwam de ommekeer begin jaren twintig, toen verenigingen de organisatie van de vuren ter hand namen en ze her en der zelfs herintroduceerden. Twente en de Achterhoek liepen hierin voorop. Om toeristen te lokken maar ook om de buurtbanden aan te halen kregen de paasvuren een eigentijdse organisatie. Het wedstrijdelement, waardoor ook de oudere jeugd en volwassenen zich er weer toe voelden aangetrokken, was daarin de belangrijkste troef. Begeleid door keuringscommissies en burgemeesters die bekers uitreiken, nam het aantal paasvuren toe tot achthonderd nu. Ook werden zij steeds groter en vuiler, vanwege het verstookte plastic.  Milieumaatregelen voorkwamen voorlopig dat er paasbergen ontstonden; uitsluitend groen brandmateriaal mocht worden gebruikt. In 2012 wist Espelo  te verbazen met een ondenkbaar wereldrecord: 45,98 meter.  De truc was eerst een paal met een lier op te richten, waardoor de takken en struiken met een touw konden worden opgetakeld. Tienduizend toeschouwers waren aanwezig toen het resultaat van een half jaar werk door driehonderd buurtbewoners in de hens vloog. 
 

De paaskaars

De Paaskaars
wordt in de katholieke kerk tijdens de paaswake 
binnengedragen door de priester. Het ontsteken van de paaskaars is voor velen een 
indrukwekkend moment waarbij de verduisterde kerk wordt gevuld met het licht van de paaskaars dat het licht van Christus voorstelt. 
De paaskaars wordt aangestoken aan een paasvuur. Alle mensen die aanwezig zijn steken vervolgens hun eigen kaars aan de paaskaars aan.  Hierdoor wordt de kerkruimte langzamerhand steeds sterker verlicht.
Het symboliseert de overwinning van het goede over het kwade, het licht over de duisternis.


  De paaskaars is een grote kaars . Deze is versierd met het kruis 
en de Griekse letters 
alfa en omega en het jaartal. De paaskaars heeft vijf ingeboorde gaten in kruisvorm waarin wierookkorrels worden gestoken. Deze wierookkorrels worden ook wel paasnagels genoemd. Deze vijf gaten staan symbool voor de 
vijf wonden van Christus aan het kruis.

 De paaskaars brandt verder tijdens elke 
viering tot aan Pasen in het volgende jaar.

HERTOG JAN I VAN BRABANT

(1254-1294)
Eens meien morgens vroege Was ic upghestaan;
 In een scoen boemgerdekine Soudic spelen gaen.
Daar vant ic drie joncfrouwen staen,
Si waren so wale ghedaen,
Dene sanc voor, dander sanc na:
Harba lorifa, harba harba lorifa, harba lorifa!

Doe ic versach dat scone cruut In den boemgardekijn,
Ende ic verhoorde dat suete gheluut Van den magheden fijn,
Doe verblide dat herte mijn,
Dat ic moeste singhen na:
Harba lorifa, harba harba lorifa, Harba lorifa!

Doe groette ic die alrescoenste die daer onder stont.
Ic liet mine arme al omme gaen Doe ter selver stont;
Ic woudese cussen an haren mont;
Si sprac: "Laet staen, laet staen, laet staen".
Harba lorifa, harba harba lorifa, Harba lorifa!

 



























































































St Janskruid

stjansolie

De naam Sint-Janskruid (hypericum perforatum) is afkomstig van het feit dat de bloemen en de bladeren op 24 juni werden geplukt. Dit is de feestdag van Sint Johannes de Doper, de dag waarop de zon op haar hoogste punt staat, en het ogenblik dat de plant de meeste geneeskrachtige substanties bevat. . De naam "Hypericum" verwijst naar de god Hyperion, vader van de zon in de Griekse mythologie. Perforatum verwijst naar het feit dat de blaadjes, tegen het zonlicht gehouden, gaatjes vertoont. In de middeleeuwen dacht men dat deze gaatjes (perforaties) werden aangebracht door kwade geesten (demonen, duivels) die de blaadjes 's nachts doorprikten om de wonderkracht van de plant te vernietigen. Het Sint-Janskruid staat sinds de oudheid bekend als medicinale plant. Het werd met name voorgeschreven door Dioscorides, arts in de legers van Nero in de eerste eeuw na Christus. In de middeleeuwen gebruikte men Sint-Janskruid bij de bereiding van verschillende remedies maar ook als "duivelsverjager" of "fuga daemonium". Aan de zolder van de huizen hing men boeketjes met Sint-Janskruid om zich te beschermen tegen kwade geesten en heksen. Het kruid verspreidt bij het drogen een geur van wierook. Deze geur is aangenaam voor god maar weert de duivels af. Het uitdrijven van het kwaad (depressies) kan teruggevonden worden in moderne behandelingen op basis van Sint-Janskruid.

Hypericum-perforatum

Op basis van de signatuurleer adviseerde Paracelsus Sint-Janskruid voor de behandeling van wonden, omdat de plant zelf vele openingen vertoont. Ook nu wordt de olie gebruikt bij zenuwpijnen, kleine wonden, eerste graads brandwonden, kloven en schrale huid. Volgens een legende zou iemand die voor het slapengaan op Sint-janskruid trapte de hele nacht door elfen wakker worden gehouden. Pluk de bloeiende knoppen op een droge ochtend in juni zo rond de 21e. olie. Doe ze in een glazen pot en bedek volledig met olie en laat het in de zon staan totdat de olie dieprood van kleur is geworden. Tussendoor ook steeds goed schudden. Zeef het daarna, giet het in een fles en etiketteer de fles met vermelding van de datum. Donker bewaren.








































































































St Lambertus

Het feest van St. Lambertus, dat we op 17 september vieren, luidde voor de mensen vroeger de herfst in. Het was vooral het feest van de handwerklieden, die 's avonds bij lamplicht hun arbeid verrichtten, zoals spinners, wevers en makers van witte handschoenen. Nadat de avonden in de zomer gelegenheid hadden geboden om op het land of in de moestuin te werken of om buiten nog wat na te kaarten over de voorbije dag, begon op St. Lambertus de avondarbeid weer. Om dat feit te vieren stonden vuur en licht een dag volop in de belangstelling. Dat met name de lamp die eer te beurt viel, is volksetymologisch te verklaren door de omstandigheid, dat het eerste deel van het woord Lambertus enige verwantschap vertoont met het woord lamp. Zo naïef ging dat nou eenmaal in vroeger dagen. de herkomst van het enige volksfeest dat het dorp kent blijft in nevelen gehuld”, zo schrijft hij. Uit oude artikelen blijkt dat men verschillend denkt over de oorsprong van het feest. De één denkt dat het te maken heeft met St. Lambertus omdat de patroon van de wevers, die avond begoten werd oftewel de hernieuwde arbeidsverbintenis werd feestelijk ingewijd. Een ander denkt meer in de richting van het korter worden van de dagen. Zo rond 17 september werd de olie weer in de lampen gegoten en vandaar lampe gieters avond. Dr. J.G. Thoomes schrijft: Het lampegietersfeest is een uiting van vreugde omdat ondanks de komende donkere dagen de arbeid door kon gaan dankzij de olie in de lampen”.


Lampengietersavond Veenendaal 1949

Kinderen liepen mee in een optocht met lampionnen gemaakt van uitgeholde bieten of kaarsen in een holle stengel van een zonnebloem. De jonge lampiondragers zingen tijdens de optocht: „

Het is van den avond, Lammeliedjesavond (een verbastering van Lampegietersavond), Tiderallalom, tiderallalom. Ik heb van m''n moeder een lampien gekregen, Tiderallalom, tiderallalom. En van m''n vader een kaars erin gekregen. Ik vroeg aan Katrien: Hoe laat zal het wezen, Tiderallalom, tiderallalom. Op de slag van hallef, hallef negen, Tiderallalom, tiderallalom".

Daarna werden zij getrakteerd met saliemelk. Voor de ouderen was er een borrel.(wellicht tot dat men "lam" was)


St Lambertus van Maastricht, ook Lambert, Landebertus of Lambrecht (Maastricht, 638? - Luik, 17 september 706?), was bisschop van Maastricht tussen ca. 670 en het jaar van zijn dood. Hij is een rooms-katholiek heilige en de patroonheilige van de textielarbeiders. Zijn naamdag is 17 september en zijn attribuut is een lans.









 
Op deze pagina:

Imbolc.
Ostara.
Beltane.
Litha.
Mabon.
Lughnasadh.
Samhain.
Yule.
.....


Imbolc

Iedereen kent wel de voorjaarsschoonmaak. Met de eerste tekenen van de komende lente krijgen velen de drang om het huis onder handen te nemen. De boel wordt eens goed gelucht en overbodige spullen worden afgedankt of gerecycled. Gewapend met emmers sop en zwabber wordt het vuil te lijf gegaan.
Wat velen niet weten is dat dit gebruik een overblijfsel is van een eeuwen oud feest wat in de hedendaagse hekserij Imbolc wordt genoemd en traditioneel op 2 februari wordt gevierd.
In haar huidige vorm heeft ze aspecten van Romeinse, Keltische en Germaanse oorsprong.
Met Imbolc wordt de terugkeer van de zon en daarmee de vruchtbaarheid gevierd. Tot 21 maart is het de tijd om fysiek en spiritueel te reinigen. Door te reinigen wordt er ruimte gemaakt voor het nieuwe.

Imbolc is een Keltisch woord wat zoveel betekent als “rond de buik”. Hiermee wordt verwezen naar moeder aarde die nu zichtbaar zwanger is van het hernieuwde leven. Een andere naam voor deze sabbat is Oimelc, wat vertaald kan worden als schapen melk. De eerste lammetjes worden in deze tijd geboren en de melkproductie van de schapen komt opgang.
Om het lengen van de dagen te vieren en vruchtbaarheid af te dwingen vereerden zij de godin Brigid.  Als godin van het vuur is zij de beschermvrouw van inspiratie, smeedkunst en heling. Haar helende krachten kwamen tot uiting in de diverse bronnen die aan haar gewijd waren. Zieken die van het bronwater dronken, konden volgens de legenden op miraculeuze wijze genezen. De beroemdste brontempel van Brigid was in Kildare, Ierland. Daar werd een eeuwig vuur brandend gehouden door maagdelijke priesteressen. Er gaan verhalen dat deze bron eerder gewijd was aan Kele, waar het Nederlandse kalle en kol (toverkol) van afgeleid is.


Mystic water - francisca Kalmijn

Voor de Romeinen was februari een periode van reiniging. Februari is afgeleid van "februare", wat zuivering betekent. De reinigingsperiode begon met de Lupercalia, (15 februari) een feest waarbij met stroken geitenhuid de vrouwen ritueel werden gegeseld om de levenskracht te stimuleren.
Het ritueel geselen met een roede om vruchtbaarheid af te smeken is altijd populair gebleven. In onze omgeving werd het vee met een bosje berkentakken naar buiten gedreven. Het ritueel werd ook wel toegepast tijdens huwelijksfeesten.
In Germaanse streken werden vooral ploeg en zaaifeesten gehouden. Elke stam had zo zijn eigen moedergodin waarvan de beeltenis werd meegenomen in de ronde om de akkers. Vaak was het de ploeg zelf die daar symbool voor stond. Voordat het eigenlijke ploegen begon werd er 3 keer een rondgang gemaakt om de gezamenlijke akkers. De markering die daardoor ontstond werd hoog geacht en niet overschreden. Het diende als bescherming voor de buitenwereld opdat moeder aarde door de hemelgod bevrucht kon worden. Vaak werd bier, brood en wijn geofferd. Ook was het de tijd dat het as van het yuleblok over de akkers werd uitgestrooid om de vruchtbaarheid van het vorige seizoen over te dragen.
Het vuur speelde tijdens alle feesten een grote rol. Het symboliseerde de reiniging en vernieuwing van de levenskracht.

Dat deze feesten diep geworteld waren blijkt wel uit de huidige Maria lichtmis, de christelijke versie van deze feesten. Om het heidense karakter te verhullen werd Maria naar voren geschoven als moeder van de akkers. Maar Brigid was mateloos populair en kreeg de rol als vroedvrouw toe bedeelt die Maria hielp tijdens de geboorte van Jezus. De datum werd verschoven naar 2 februari omdat er dan 40 dagen waren verstreken na de geboorte van Jezus. Deze 40 dagen stonden voor de periode waarin de vrouw als onrein werd beschouwd door het nabloeden na de bevalling. Zij mocht in die tijd niets heiligs aanraken. Na deze periode diende zij duiven te offeren in de tempel en was daarmee gezuiverd. Daarnaast stelde de kerk dat Jezus op die dag in de tempel erkend werd als de Messias, wat zij naar de heidenen toe vertaalden als “de brenger van het licht”. Het vuur werd vervangen door vele kaarsen die werden gebrand.

De cultus rond Brigitta of Brigida, zoals Brigid genoemd wordt in onze streken, leeft nog steeds. Op verschillende plaatsen in ons land staan nog Brigitta kapellen en in Noorbeek (Limburg) is een Brigida bron die bezocht wordt om oogkwalen en veeziekten te bestrijden. Brigida wordt hier afgebeeld met haar heilige dier, de koe. Als dank voor haar bescherming legden de inwoners de gelofte af ieder jaar een Den te schenken die voor haar kapel zou worden geplant.
In de bron staat een stenen pilaar met daarop een bol, welke verwijst naar de staf van Dionysos. Deze staf was voorzien van een dennenappel en had een duidelijke fallische symboliek. Een gelijke staf wordt in heksenrituelen nog steeds gebruikt.

Tradities en suggesties voor de Imbolcviering.

Als je over een tuin beschikt is dat de ideale plek om je Imbolc viering vorm te geven. Nu is de tijd om te snoeien en te spitten. Vergeet echter niet om rekening te houden met de maanfase, deze activiteiten passen het best bij een afnemende maan. Dit jaar valt Imbolc tijdens afnemende maan.
Als je as hebt van het Yuleblok kun je dit in je tuin verspreiden.
Op een balkon kun je in bakken spelt zaaien. Spelt is een oude tarwesoort. Je vindt ze in de natuurwinkel. Het zaad kan dienen als symbool voor het doel van je plannen die nu duidelijk omlijnt zijn en wat je met Lughnasadh wil oogsten. Een tijd om jezelf opnieuw toe te wijden aan het pad dat je bent ingeslagen. Je magische spullen kunnen daartoe opnieuw worden gereinigd en opgeladen.
Een mooi ritueel is  het smelten van een sneeuwbal met behulp van een kaars en daarmee de zaaibakken te bewateren. Op deze manier druk je de kracht van Imbolc uit die de kou verdrijft en de aarde voedt.

Binnenshuis kun je een voorjaarsschoonmaak beginnen. Ruim overbodig geworden spullen op of breng ze (bijvoorbeeld) naar de Emmaus. De voorjaarsschoonmaak kun je ook symbolisch toepassen door met je heksen bezem in een ritueel het hele huis door te gaan. Elke kamer kun je besprenkelen met water uit je symbolische bron van Bridgid. Traditioneel worden alle groen versieringen van Yule verwijdert en verbrandt.
Je kunt ook besluiten om je zelf te reinigen. Dit kan door middel van vasten, een sap of klei kuur.
Begin hier niet zomaar aan. Bereid je goed voor. Een vastenkuur maakt als je het goed doet niet alleen lichamelijk maar ook geestelijk “vuil” los. Dit kan een indringende ervaring zijn. Een vasten kuur doe je dan ook het best onder begeleiding van een erkende therapeut of in een kuuroord. Enkele milde reinigingskuren vind je elders op Nieuwe Maan.
Een traditioneel reinigingsritueel tijdens Imbolc is het wassen van handen, voeten en gezicht met warm water in de buitenlucht. Het warme water symboliseert de kracht van Imbolc. Tijdens dit ritueel kun je  vergeven en vergiffenis vragen. Dit kan met de persoon in kwestie, maar ook in je hoofd. Kwaadheid en wrok zijn emoties die veel energie opslokken. Ze staan vernieuwing in de weg.

Het vlechten van de Bridgid kruizen is een activiteit die je met het hele gezin kunt ondernemen. Ze worden gebruikt om je altaar te versieren of om op de deurposten te hangen ter verwelkoming van de godin, als symbool voor vernieuwing en inspiratie. Het branden van kaarsen in elk raam de avond voor Imbolc hebben het zelfde doel. Traditioneel blijven er kaarsen branden tot de opkomst van de zon.
Water wat je hebt gewijd aan Brigid wordt gedronken in het uur van zonsopgang. Het zou je eeuwig jong houden.
Imbolc is ook een goede tijd om kaarsen te maken en te zalven. In deze tijd krijgen ze de kracht van het vuur van Brigid mee.
De vaste datum voor Imbolc is 2 februari, de astrologische datum het moment dat de zon de 15 graden Waterman passeert. Dat gebeurt dit jaar op 3 februari.
Als er sneeuw valt tijdens Imbolc wordt dit gezien als een gunstig teken op de dingen die komen gaan dit seizoen.

Correspondenties:
Godinnen: Brighid, Aradia, Athena, Inanna, Gaia, Hathor
Voedsel: Melkproducten, Zaden (pompoen,zonnebloem) Uien, Knoflook. muffins, cake.
Dranken: Reinigende en verwarmende kruidenthee, gekruide wijnen.
Bloemen: Sneeuwklokje, witte bloemen
Wierook: Kaneel, Mirre,
Geuren: Vanille, Patchouli, Sandelhout, Olibanum
Goden: Eros, Og, Februus, Osiris
Dieren: Roodborstje, schaap, lam, draak, hert
Stenen: Amethyst, Bloedsteen, Granaat, Robijn, Onyx, turkoois.
Kleuren: wit, rose, rood, geel, lichtgroen, bruin
Kruiden: Bascilicum, laurier, kaneel.



Ostara

Als op de lente-equinox (21 maart) de dag weer even lang is als de nacht, vieren we de overwinning van het licht en het aanbreken van de vruchtbare periode. De zaden in de grond ontkiemen en de essentie van dit feest is het versterken van de groeikracht.
Ostara of Eostre is de Germaanse godin van de dagenraad. Haar naam slaat op het oosten, daar waar de zon op komt. Haar feest werd oorspronkelijk gevierd tijdens de eerste volle maan na de lente equinox, wat we nog terug zien in het huidige Pasen, de christelijke versie van het lente feest. Het paasfeest wordt in Engeland en Duitsland nog steeds naar haar vernoemd: Easter en Ostern. Ook het vrouwelijke hormoon oestrogeen is naar haar vernoemd.
Het woord lente stamt af van het Germaanse langgitinaz, wat waarschijnlijk het lengen der dagen betekende. In de middeleeuwen bestond het werkwoord lenten, het bewerken van het veld in het voorjaar.


Zonsopgang Mucha

De lente feesten waren in oude tijden niet aan de voorjaarsequinox gebonden. In sommige samenlevingen was het de eerste meikever, koekoek of zwaluw die het tijdstip aangaf. Koning winter en koning zomer hielden schijngevechten waarbij koning winter werd verdreven. De lente werd symbolisch binnengehaald door een met groen versierde jongeman die de wildeman werd genoemd. (In Engeland the green man.) Vaak trok men rond de akkers, aangevoerd door de lentekoning en koningin, en met een staf of roede sloeg men op de akkers om de kiemkracht van het gezaaide zaad op te wekken. Op heuvels werden lentevuren ontstoken.

Voor de Romeinen was maart het begin van het rituele nieuwe jaar. De god Mars, waar deze maand naar genoemd is, was toen nog verbonden met de vruchtbaarheid van de akkers. Op 1 maart zou het schild van Mars uit de hemel zijn gevallen. In opdracht van de mythologische kalenderkoning werden er 11 kopieën gemaakt. Deze symbolen voor de maanden van het jaar werden door de straten gedragen waarbij gesprongen werd. Het springen, een nabootsing van de lammetjes, dienden ter opwekking van de levenskracht. Het vuur in de tempel van Vesta dat het hele jaar brandende werd gehouden werd op 1 maart gedoofd en weer opnieuw aangestoken. Belangrijke gebouwen werden versierd met laurier als symbool voor Apollo die de levenskracht van de natuur belichaamde.

Pasen stamt af van het joodse Pesach, wat springen of dansen betekent. Het joodse feest is oorspronkelijk een lentefeest en heeft zijn wortels in het herdersleven. Vlak voordat ze naar de nieuwe weiden vertrokken slachtte zij een lam als offer aan de goden en vermoedelijk danste en sprongen zij om het offer. Daarnaast was het ook een landbouwfeest. Tijdens een rituele maaltijd van ongezuurde broden werd de band tussen de goden en de stam vernieuwd.
In het huidige Pasen heeft het geofferde lam plaats gemaakt voor Jezus ( het lam gods ) en zijn wederopstanding symboliseert het hernieuwde leven. Dat de maan een rol is blijven spelen bij de bepaling van de datum van Pasen heeft alles te maken met het feit dat het hier oorspronkelijk om een maanfeest ging dat gekerstend moest worden. Als tegenwicht richtte het christendom zich meer op de zon en werd er gesteld dat de wederopstanding plaats vond op de eerste zondag na de betreffende volle maan.

Er is dus geen echt rechtstreeks verband tussen Ostara en Pasen, maar de symboliek is gelijk. Een andere christelijke datum die wel met Ostara in verband wordt gebracht is de Maria Annunciatie op 25 maart. Op die dag verteld de engel Gabriël aan de maagd Maria dat ze zwanger is. Deze belofte vinden we terug met Ostara, als de natuur zwanger is van de lichtgod.

Vooral de gebruiken die met Pasen gangbaar zijn wijzen er duidelijk op dat het paasfeest een gekerstend lente feest is.
Het ei is vanaf de prehistorie een symbool geweest van verborgen levenskracht. Het kleuren van de eieren verwijst naar de herleving van kleuren in de natuur. Vooral was rood populair. Deze kleur is bij uitstek verbonden aan Ostara vanwege de dagenraad, de roodgekleurde ochtendhemel in het oosten. De haas was het totemdier van Ostara. Het dier werd vereerd om zijn voortplantingsvermogen en het eten van hazenvlees gold als een afrodisiacum. De haas is eigenlijk een kip van Ostara die haar eieren constant verborg. Uit onvrede hierover veranderde Ostara haar in een haas om ze weer te zoeken. Deze speurtocht komt overeen met die van de kinderen tijdens Pasen. De haan die op de stokken van Palmpasen prijkt, is vanouds een symbool voor potentie en vruchtbaarheid. Het kruis van de palmpaas verwijst naar de vier hoeken van de akkers, en later naar het kruis van Christus. De buxus takjes die eeuwig groen zijn symboliseren de levenskracht.
In de middeleeuwen werd er alleen met Pinksteren en Pasen gedoopt. In dit gewijde water werd de paaskaars gedoofd en mee naar huis genomen. Met buxus takken werd het gesprenkeld over de akkers en de stallen om genezing, bescherming en vruchtbaarheid te brengen. Ook werden er wel buxustakken aan de randen van de akkers in de grond gestoken.
Nog steeds worden elk jaar op eerste paasdag de zogenaamde Paasvuren ontstoken om de terugkeer van het licht en de lente te vieren. Vooral in het oosten van het land wordt deze traditie in ere gehouden.
De paaskaars waaraan men kaarsen aansteekt is een gekerstende versie van het gebruik om takken van het paasvuur mee naar huis te nemen om de haard mee aan te steken.



Beltaine

Met Beltane nemen we afscheid van de heer van de chaos. Ook al is de winter alweer een tijdje achter ons, toch liet hij zich nog wel eens gelden met een koude dag of een nachtvorst. Pan, de heerser van de zomermaanden neemt nu definitief de heerschappij over. Ook deze sabbat draait om de vruchtbaarheid, maar meer in de zin van bevruchting. Als de bloesems niet bevrucht worden zal de vegetatie uitbloeien en afsterven.

Beltane wordt gevierd in de nacht van 30 april/1 mei. In Keltische gebieden werd deze naam of afgeleiden hiervan gebruikt als “begin van de zomer”. In het Iers is de naam Bhealtaine nog steeds de naam voor de maand mei. De oudste vermelding van het feest dateert van het jaar 900. Hier wordt de naam verklaart als “het vuur van Bel”, met de toelichting dat die dag het vee tussen twee vuren gedreven werd. Het is mij niet bekend of er ooit een god met de naam Bel vereerd werd.

Beltane, in onze omgeving door de eeuwen heen als Meiavond aangeduid, wordt zoals de naam al aangeeft op de vooravond van mei gevierd. Voor de heidense volkeren dient een nieuwe dag zich aan bij zonsondergang. De naam Mei is afgeleid van het Latijnse mensis Maius en waarschijnlijk genoemd naar de Godin Maia. Zij is een Romeinse godin die alles weer laat groeien en bloeien. Haar naam betekent “zij die groot is”. Tijdens de Floralia  werd  er een drachtig zeug aan haar geofferd. De naam Floralia is afgeleid van het Latijnse flos, wat bloem of bloesem betekend. De bloemen zijn de geslachtsorganen van de plant. Het feest, dat van 28 tot 3 mei werd gevierd draaide dan ook om de vruchtbaarheid. Losbandigheid, anders streng afgekeurd, werd nu toegestaan. Orgieën en naakte rituelen waren een belangrijk onderdeel van de feesten.


Francisca kalmijn - colourfull


In de Germaanse cultuur werd de Meiavond traditioneel gezien als het huwelijk van Wodan en Freya.  Het is niet bekend of dit feest ritueel werd gevierd. In deze nacht werd veronderstelt dat de heksen op hun bezem naar hun verzamelplaatsen vlogen om daar wilde feesten te hebben.
Sint Walpurgis is de gekerstende versie van een Germaanse graangodin. Zij zou rond 800 als non een klooster hebben geleid, wonderen hebben verricht en mensen van hun ziekte hebben genezen. Uit het kalksteen waarop haar graftombe rust zou medicinale olie druppelen die nog steeds aan de gelovigen wordt verkocht.
Sint Walpurgis wordt afgebeeld met drie graanhalmen in haar hand. In volksverhalen wordt nog wel eens verteld dat zij achtervolgd werd en een boer haar verstopte in zijn laatste korenschoof. De volgende dag zou het graan in goud veranderd zijn. In de zogenaamde Walpurgis nachten liet men zijn raam open voor het geval Sint Walpurgis beschutting nodig had voor haar achtervolgers. Als dank zou zij goudstukken achterlaten.
In het Walpurgisvuur werd stro verbrand om de kracht van de oogst van het vorige jaar over te brengen op de komende nieuwe gewassen.
Ook Maria kreeg een rol toebedeeld in een poging het heidense graan en  de vegetatie goden te doen vergeten. Ze werd voorgesteld als de beschermvrouwe van de gewassen en de vruchtbaarheid. De meimaand wordt ook wel mariamaand genoemd. In de kerken werden in deze maand meialtaren ingericht die versierd werden met bloemen en groene takken.

Tijdens de Meiavond stond de meiboom symbool voor de vruchtbaarheid. Hiertoe werd een boom gerooid uit het bos en ontdaan van zijn takken. Alleen de kruin bleef staan. Een ieder is instaat om hierin een fallus symbool te ontdekken!

Oprichten meipaal 1953

De soort boom verschilde nogal per streek. Het kon een Den, Berk, Meidoorn, Es of Eik zijn. De kruin werd vaak versierd met bloemen en lekkernijen. Van de afgehakte takken werden kransen gevlochten als symbool voor de eeuwige cyclus.  De kransen dienden als versiering of als hoofdtooi van de meikoning en koningin. Op de stam werden figuren gekerfd en onder de kruin werden linten bevestigd. De mannen hielden het groene lint vast en dansten met de klok mee, de vrouwen de witte en dansten tegen de klok in. Door beurtelings te bukken werden de linten om de stam gevlochten. Met de stam als mannelijke energie en de linten als vrouwelijke energie kun je in het geheel een paringsritueel ontwaren. De gehele gemeenschap was bij deze onderneming betrokken. Alle handelingen dienden om de levenskracht op te wekken.

Meipaal dansen op het platte land.

De rest van de avond werd er gedanst en gefeest rondom het traditionele vuur. Wedstrijden met als prijs de Meikoningin waren algemeen. Zo ook de vrijpartijen in het veld. Na afloop bleef de meiboom vaak staan tot het volgende jaar of verbrand tijdens Litha.
De kerk was natuurlijk niet te spreken over deze losbandigheid en kerstende de Meidoorn als zijnde een heilige boom, die het kruis van Christus symboliseerde. De takken en de bloesems mochten alleen op het Maria altaar gebruikt worden. 
 
Het vruchtbaarheidsfeest was daarnaast ook een feest van de liefde. Jonge mannen plantten kleine versierde boompjes in de tuin van hun geliefde of hingen kransen aan haar deur. Elders werden bloeiende takken aan het slaapkamerraam gebonden. Soms kon het meisje alleen maar raden wie haar stille aanbidder was, in andere gevallen kerfde hij zijn naam in de tak. Ook werden er wel serenades gebracht. Dit zogenaamde Meien werd in 1612 verboden op grond van behoud van het groen in de stad. Op het platteland bleef dit gebruik langer bestaan.

Voor de veehouders was het feest een belangrijk moment, daar rond die tijd het vee weer voor het eerst naar de weide werd gebracht. Er zijn verschillende gebruiken bekend die met deze gebeurtenis gepaard gingen. Vaak werd het vee tussen twee vuren gedreven. Het knallen van zwepen, luiden van bellen, het besprenkelen met gewijd water of het bestrooien van het vee met zout, alles diende om de levensvatbaarheid op te wekken.  Voor deze gelegenheid was het van belang om voor dag en dauw op te staan, want de laatste werd de luilak genoemd. Hij symboliseerde dan de afstervende vegetatie van het vorige jaar, terwijl de eerste ook wel de pinksterbloem werd genoemd als vertegenwoordiger van de nieuwe vegetatie.  Het gebruik van de luilak kende vele vormen in Nederland. Het herrie maken zien we nog terug rond Pinksteren en Koninginnedag wat op 30 april valt, wat in feite de vooravond is van het meifeest.


Ommegang rond de velden anno 2012. Foto: Maria Meisters

De landbouwers hadden weer hun traditionele omgangen rond de akkers. In Nederland stonden deze omgangen bekend als de kruisdagen.  Het land werd afgezet met speciale palen en in processie ging men met een kruis de akkers rond. Bij de vier palen werden speciale handelingen verricht of gebeden.
Sint Joris nam ook een belangrijke plaats in. Als beschermheilige van de landbouw belichaamde hij de ontwakende vegetatie. De draak waarmee hij wordt afgebeeld staat voor het kwaad dat hij bestrijd.  Zijn naamdag valt op 23 april.
De IJsheiligen Bonifatius, Pancratius en Servatius zijn niet anders dan een gekerstende vorm van het verdrijven van de winter. Na deze dagen in mei (12, 13 &14) treed er geen nachtvorst meer op. Nog steeds worden vorstgevoelige planten pas na deze datum buiten gezet.

Het dauw en regenwater van de eerste dag in mei zou veel kracht bevatten. Het werd verzameld en voor vele doeleinden gebruikt, zoals genees en schoonheidsmiddel. Bronnen werden in die ochtend vereerd en versierd met meidoorn. Het bronwater werd in flessen mee naar huis genomen om te gebruiken bij ziekten en om vruchtbaarheid en voorspoed te bevorderen. Deze gebruiken werden tot in de hoogste kringen uitgevoerd. Sporen hiervan zien we nog terug tijdens het dauwtrappen op Hemelvaartsdag.

Binnen de hekserij is Beltane het moment waarop de Godin en God één worden en bevruchting plaatsvindt. De god Lucifer levert de energie en de Godin Diana geeft de materie vorm. Zij neemt plaats achter haar spinnenwiel en spint het leven van een nieuw mens terwijl ze betoverend zingt. Hun dochter Aradia wordt geboren, zij is de heksenmoeder. Beltane is dan ook het moment om een Handvasting te hebben; het huwelijksfeest van de heksen.
Tijdens de rituelen van de Wicca wordt de eenwording gesymboliseerd door de Athame, het rituele mes, in de kelk te steken. In sommige covens wordt in privésfeer door de hoge priester en hogepriesteres de grote rite uitgevoerd, waarbij er daadwerkelijk gemeenschap plaats vind.
Zoals alles in de natuur nu vorm krijgt is Beltane het moment om je eigen plannen vruchtbaar te maken.

Correspondenties:
Kleuren: wit & rood (Godin) , groen ( God)
Goden: Pan, Odin (Wodan),  Lucifer
Godinnen:  Diana, Freya, Aphrodite, Venus
Bloemen: meidoorn, kamperfoelie, seringenbloesem, pinksterbloemen.
Stenen: Vuuropaal, Rozenkwarts, Saffier,  Carneool.
Teken: Steenbok
Planeten: Saturnus,  Mercurius



Litha

Dit feest wordt traditioneel op de vooravond van de zomerzonnewende gevierd, 21 juni. Deze dag is de langste dag van het jaar zijn en de nacht ervoor dus de kortste nacht. Er wordt een keerpunt gevierd, men wacht de oogst af en de vruchtbaarheid van de gewassen is nu maximaal. Litha is afkomstig uit het oude Germaans en betekent  berghelling. Dit zou goed de symbolische berghelling kunnen weergeven die de zon in juni beklimt en in juli afdaalt.
In het plantenrijk gaat de groei nu over in rijping. Nu de strijd om het bestaan is gewonnen wordt de energie gebruikt om het voortbestaan van de soort veilig te stellen.


Midzomernacht op de noordkaap


De dagen zullen na Litha steeds korter worden tot Yule. Mythen betreffende het seizoen omschrijven de gebeurtenissen rond het hoogtepunt van de zon en daarop volgend het begin van de toenemende duisternis. Een favoriete mythe uit de noordelijke landen verhaalt de strijd tussen de Eik koning (God van het wassende licht) en de Hulstkoning (God van het afnemende licht). De twee gaan een gevecht aan en vanzelfsprekend wint de Hulstkoning, opdat hij het rijk regeert tot Yule, wanneer hij plaats maakt voor het wedergeboren Kind van het Licht, de jonge Eik Koning. Het idee van Goden die elkaar doden is niet alleen een vermakelijk verhaal, het is een krachtig magisch beeld. Als de Hulst Koning de Eik Koning verslaat, is dat niet een letterlijke dood; het betekent een verschuiving in de balans van kracht. De Eik Koning heeft slechts het toneel verlaten, tot hij weer kan terugkeren. Dit weerspiegelt dat de dood niet slecht of kwaadaardig is, maar meer een noodzakelijke transformatie.  

Het is altijd een vrolijk jaarfeest geweest. Muziek in de vorm van drums met zang en dans waren veel voorkomend. Midzomervuren werden ontstoken voor bescherming, reiniging, en de hoop dat de zon zijn warmte lang genoeg zal behouden om een goede oogst te bieden. Om het geluk af te dwingen werd er over de vuren gesprongen in de veronderstelling dat de gewassen zo groot en hoog zouden worden als zij konden springen. Vaak werd tijdens deze kortste nacht niet geslapen. De as werd vervolgens in huis bewaard om hen te beschermen tegen onweer en bliksem. Nog steeds springen paganisten over het vuur (of lopen tussen ontstoken kaarsen door) om zichzelf met kracht te vullen en om symbolisch dat gene weg te branden dat we niet nodig hebben.


Spaanse boer springt over StJansvuur



Net als alle andere feestdagen heeft de kerk ook geprobeerd deze dag om te vormen tot een christelijk feest. 24 juni werd de geboorte dag van Johannes de Doper. Opvallend is hier dat eigenlijk alle heiligen geëerd worden op de dag dat ze sterven en niet op hun geboorte dag. Ook de geboorte van Jezus werd verplaatst van laat in de lente, zijn eigenlijke geboorte dag, naar 25 december, de dag waarop ook de zonnekoning werd geboren. In feite heeft de christelijke kerk zich dus ook hier aangepast aan de cyclus van de aarde zoals die door de heidenen destijds werd geëerd. 

Het feest van Johannes de Doper valt op 24 juni. Dit komt omdat tot 1700 de Juliaanse kalender gehanteerd en volgens deze kalende was 24 juni de langste dag. Ook al verschoof Litha naar 21 juni na de invoering van de Gregoriaanse kalender gewoonte getrouw bleef het vaak op 24 juni gevierd worden. 

De volle maan van juni wordt ook wel honingmaan genoemd. Dit omdat juni de tijd is om honing te verzamelen uit bijenkorven. Mede is een alcoholische drank die gebrouwen word van honing. Mede is dan ook de traditionele drank voor Litha. Incidenteel werd er geloofd dat omdat de god en godin in mei trouwen dat het ongeluk bracht als je als sterfelijke in mei trouwde. Veel vrouwen bleken na de mei vuren echter zwanger te zijn en zo kwam het dat juni een erg populaire maand werd om te trouwen. Dit is ook de reden dat in het Engels de periode na de bruiloft honeymoon heet. Afgeleid van de naam van de juni maan. 

De naam Midzomer klinkt misschien vreemd, omdat deze datum tegenwoordig in verband wordt gebracht met het begin van de zomer. Maar de oude Kelten kenden slechts twee seizoenen: licht en donker, zomer en winter. Tijdens Midzomer vierden zij het hoogtepunt van de zomer, dus het midden van de lichte helft van het jaar.
De zomer zonnewende wordt in vele plaatsen over de gehele wereld gemarkeerd door o.a. steencirkels, markeringen of tunnelachtige passages waardoor licht alleen tijdens de zonnewende schijnt. Dit toont aan dat mensen deze dag belangrijk genoeg vonden en de moeite namen om de zonnewende te kunnen voorspellen en vastleggen.
Litha is de tijd om dingen een zetje te geven die ze nodig hebben om weer in beweging te komen. Midzomer is een tijd van rijping, niet van groei. Het gaat hier om dingen die afgerond moeten worden. Denk na over je eigen kracht en maak je vrij van negatieve gedachtes en energieën. Het is een tijd van blijheid en levendigheid, en de bewustwording van het feit dat vanaf dit moment het licht zal afnemen tot aan Yule.

Aspecten van Litha die je kunt betrekken in de viering .

Traditioneel wordt de ruimte en het altaar versierd met bloemenslingers. De cirkel kan worden gemarkeerd met bloemen, de vloer bestrooid met potpourri.

Net zoals bij de meeste Sabbats draait alles met Litha om het vuur. Of dit nu een kaarsje is, een kampvuur of wat houtjes in de barbecue. Alles wat met het midzomervuur in aanraking komt krijgt de zelfde energieën als het element vuur.
Het getal negen speelt een belangrijke rol tijdens Litha. Het is het getal van de voleindiging.
Het vuur kan worden aangemaakt met negenderlei hout, een bundel aanmaakhout van negen verschillende soorten hout.

Met negen verschillende kruiden en/of bloemen kunnen kransen en gordels worden gemaakt.
De kransen worden over het vuur naar elkaar toegegooid om de band tussen de deelnemers te versterken. Als je door zo’n krans elkaar aan kijkt zie je elkaars ware gezicht.
Door de krans naar het vuur kijken geeft een weldadige invloed voor de rest van het jaar.De geschroeide kransen hebben magische kracht en kunnen na gebruik op de daken van huizen worden achtergelaten om het te beschermen tegen blikseminslag en onheil.
De gordels worden gedragen tijdens het zingen (the Tree song) en dansen om het vuur. De beweging van je lichaam helpen de krachten van het kruid op te wekken en je bescherming en kracht te bieden voor het komende jaar. Traditioneel is de gordel van bijvoet of ijzerhard gemaakt. Maar elk kruid is goed als dit voor jou betekenis heeft.

In midzomernacht wordt het onmogelijke mogelijk geacht. Dit is één van de dagen dat de sluier tussen de werelden dun is. Contact met die andere wereld is nu makkelijker te leggen. Er kan mede, klaverwijn of bier gedronken worden ter ere van de overledenen.

De dauw van midzomer heeft geneeskracht en geeft je schoonheid. Dit kun je verzamelen door s ’avonds doeken vlak boven de grond te spannen en ze vroeg in de ochtend, nog voor de zon op komt uit te knijpen. Je kunt gaan dauwtrappen en in het met dauw bedekte gras gaan rollen. Het water in bronnen, rivieren en de zee hebben midzomernacht magische krachten, dus een goede tijd voor skinny-dipping. Ook is het een goede tijd om regenwater uit een onweersbui te verzamelen wat je als magisch altaar water kan gebruiken.
Het is een goede tijd om medicinale en/of magische kruiden te oogsten. Gebruik echter nooit meer dan 1/3 deel van de plant zodat de plant zich weer kan herstelen. Geef altijd iets terug aan de natuurkrachten (bijvoorbeeld iets wat je zelf hebt gemaakt) en bedank voor wat je gegeven wordt. 

Om antwoord te krijgen op brandende vragen kun je divineren. Gooi hiertoe Litha kruiden in het vuur en kijk in de vlammen.
Om zaken die afgerond moeten worden maar nog een zetje nodig hebben kracht te geven kan je het volgende doen: Maak de wens, liefst in rijmvorm. Zeg deze hardop. Neem een voorwerp dat de wens verbeeld en visualiseer. Spring met het voorwerp over het vuur.

Met eik en hulst takken kan de verdrijving van de eik Koning (groeikracht) door de hulstkoning (afbrekende kracht) worden verbeeld.
Correspondenties:
Kleuren: Warme zomer kleuren zoals bloedrood, oranje, goudgeel, mosgroen.
Voedsel: Alle vruchten van het seizoen, honing, negenderlei kruiden wegge, midzomerkoekjes.
Drank: Mede, vruchtensap, wijn en bier.
Kruiden: Bijvoet, st janskruid, tijm, lavendel, ijzerhart, kamille, wederik, hemelsleutel, kruiskruid.
Bloemen: Wilde bloemen, ganzenbloemen, madeliefjes, margrieten, korenbloemen
Stenen: Diamant, jade, tijgeroog, smaragd, barnsteen, jaspis.
Metaal: Goud



Mabon

Mabon is de achtste en laatste sabbat van het heidense jaar. De vaste datum is 23 september, astrologisch valt ze op het moment dat de zon het teken weegschaal in gaat. In vroegere tijden was er geen duidelijk onderscheid tussen de herfst en winterfeesten. De herfstequinox is nooit met de zelfde intensiteit gevierd als dat met Beltaine werd gedaan. De thema’s van het herfst en winterfeest overlappen elkaar dan ook.

In 1960 gaf Alex Sanders, oprichter van de Alexandrian traditie de naam Mabon aan de herfstequinox. De god Mabon werd vooral geassocieerd met jeugdigheid en zonlicht. Als jonge god past hij eigenlijk meer bij het lente feest maar in die context werd hij nooit genoemd. Zijn naam betekent zoon van de moeder. In de mythologie werd hij op de derde dag na zijn geboorte gestolen en pas jaren later terug gevonden. De associatie ligt nu dus bij het verdwijnen van de zoon en het verdwijnen van de zonkracht. Rond 1985 werd de naam Mabon ook in de Nederlandse Wicca geïntroduceerd en later door anderen overgenomen.

Een andere naam voor het herfstfeest is herfstevening, waarmee de associatie wordt gemaakt met het feit dat rond deze tijd de dagen en nachten even lang zijn. De duisternis neemt het over van het licht. De god van het licht heeft zijn taak om vruchtbaarheid te brengen volbracht en keert terug naar de onderwereld, waar hij met Samhain zal aankomen. In de natuur zie je het overal gebeuren: de oogsten zijn binnen gehaald, eenjarige planten sterven langzaam af, bladeren aan de bomen verkleuren, de aarde trekt zich terug. De lichtgod wordt de heer van dood en wedergeboorte. De tijd van leegte, reflectie en bezinning treed aan, om straks weer herboren aan de nieuwe cyclus te beginnen. Daarom wordt Mabon als een goede tijd gezien voor het verrichten van initiaties.


francisca kalmijn - Looking at you


Volgens de Keltische bomenkalender valt Mabon in de periode van de braam. De braam is een doornige struik die spiraalsgewijs woekert. De spiraal staat voor dood en wedergeboorte, het thema van Mabon. Voor de Kelten markeerde de braam de balans tussen het wereldse en het bovennatuurlijke, tussen leven en dood. De bramenstruik als de laatste fase voordat de god herenigd wordt met de godin die op hem wacht. Volgens de mythe probeert hij er doorheen te komen, maar overal zijn stekelige braamtakken. Wat hij ook probeert het lukt hem niet om er doorheen te komen. Hij verliest de moed en kracht en denkt daar te moeten sterven. Dan ziet hij een braam hangen en zonder er bij na te denken eet hij hem op. Het sap en de pitjes schudden hem wakker. Opeens bezit hij weer nieuwe kracht en beseft dat hij verder moet. 
Alleen door hem kan de aarde weer opnieuw bevrucht worden.
Dit verhaal is de bron van het volksgebruik om na september geen bramen meer te plukken. Deze bramen zijn bestemd voor de God en de geesten die hun weg banen naar de onderwereld. Om het gebruik kracht te geven werd er wel gezegd dat de duivel op de bramen gespuugd zou hebben. De gene die van die bramen zou eten wacht enkel ongeluk.

Op verschillende heiligendagen bestaan gebruiken die als herfstfeest te beschouwen zijn. De meest opvallende zijn wel Sint Michael en Sint Lambertus. In 813 werd er een feestdag ingesteld voor de aartsengel Sint Michael. En wel op 29 september, strategisch gekozen in de periode waarin de Germaanse winter begon. Het Saksische winterfeest was een belangrijk feest waarop recht werd gesproken en jaarmarkten werden gehouden. Maar de toenmalige leider van de Saxen had zich onderworpen aan Karel de Grote en zich laten dopen.
Michael werd gezien als de aanvoerder van de engelen die streden tegen de duivel. Hij versloeg satan in de vorm van een draak. Hij was ook de begeleider van de zielen van overledenen naar het hiernamaals. Rechtvaardigen leidde hij naar de hemel, zondaars stortte hij in het vagevuur. En zo werd er een christelijk tintje gegeven aan een oorspronkelijk heidens feest.
Traditioneel werd er gans gegeten die zich volgepropt had met de restjes van de oogst die op het land waren blijven liggen. Ook werden er speciale broden gebakken van verschillende soorten graan.

Vanaf de 13e eeuw werd in Waals Brabant Sint Michael vervangen door Gertrudis. Zij was de abdis van het klooster in Nijvel en stierf op 17 maart 659.Van Gertrudis werd gezegd dat ze de zielen van de overledenen opving en de eerste nacht begeleidde, waarna Sint Michael het overnam. In Nijvel wordt zij zelfs geëerd met de grote Ronde. Een opmerkelijk besluit van de parochie, daar deze heilige veel trekken heeft van de Germaanse dodencultus.
Met paard en wagen waarop haar schrijn en relikwieën lagen volgde men dan de omtrek van het voormalige klooster. De volgelingen droegen een geschilderde tak die de avond van te voren met wijwater was gezegend. Gertrudis zou dan de oogst van dat jaar beschermen tegen bederf en knaagdieren. Halverwege de grote ronde bracht men een heildronk uit.
Gertrudis werd altijd afgebeeld met een of meer muizen. De Germanen geloofden dat de overledenen de gedaante van een muis aannamen. Haar attribuut was een spinnenwiel.

Sint Lambertus valt op 17 september en werd in Nederland en België vaak als het begin van de herfst gevierd. Volgens de levensbeschrijving van deze heilige werd hij op deze dag onthoofdt, wat een verwijzing kan zijn naar de geofferde lichtgod. Op die dag moest traditioneel de haveroogst binnen zijn en kon de rogge worden gezaaid. Vanaf die dag werd er weer voor het eerst bij kaars/lamplicht gewerkt en daarom versierden men de kaarsen met bloemen en takken. ’s Avonds werd er gedronken en feest gevierd. Lammeliedjesavond is van oorsprong een Sint Lambertus viering en bleef in Veenendaal tot na de tweede wereldoorlog populair.

Herfst_MuchaDe Mabon viering in de 21ste eeuw.

Zoals je hebt kunnen lezen is Mabon het begin van de leegte. Een tijd voor reflectie en bezinning. Dankbaar te zijn voor je persoonlijke oogst en te ontdekken welke krachten hierin schuilen die je kan gebruiken voor je toekomstplannen.
De krachten van je persoonlijke oogst kun je opwekken middels een ritueel. Neem een voorwerp dat jouw persoonlijke oogst symboliseert en leg het in de cirkel. Loop er driemaal omheen, met de klok mee, terwijl je een rijm chant die de krachten verwoord.
Om je te bezinnen kun je een lange boswandeling maken. Geniet van de herfstkleuren. De tred van je wandelgang brengt je geest tot rust zodat je helder na kunt denken.
Tijdens de boswandeling kun je bramen plukken en eten die het nieuwe levenssap symboliseren van de nieuwe cyclus die komen gaat.
Raap eikels, kastanjes en andere schatten van de natuur waarmee je het altaar kunt versieren. Verzamel zaadbollen om te drogen zodat je nieuw zaaigoed hebt.
Je kunt een herfstkrans maken van klimop en appels en dit offeren aan de natuur als dank voor je oogst.
Een traditioneel gerecht met Mabon is het brood, versierd met een achtvormig kruis, wat het wiel van het jaar symboliseert.

               
Correspondenties:

Altaardecoraties: herfstbladeren, eikels, dennenappels e.d.
Kruiden: distels, salie, varen, hop, tabak, hazelaar, ceder.
Olie: patchoeli, zwarte peper.
Bloemen: passiebloem, goudsbloemen.
Struik: braam
Voedsel: brood, bier, wijn, appels, noten, granaatappels
Kleuren: oranje, donkerrood, indigo, bruin.
Goden en godinnen: Persephone, Mabon.
Edelstenen: saffier, lapis Lazulli, amethist
Wierook: benzoë, mirre, salie
Tarot kaarten: de wereld, het oordeel.
Element: water
Windrichting: het westen



Lughnasadh

Lughnasadh kondigt het einde van de zomer aan. Dit is de tijd waarin het oogsten begint. Lughnasadh (spreek uit: Loenasse) is de Ierse naam voor de maand augustus en betekent Lughs feest. Lugh is de lichtgod die zich met de donkere aarde heeft verenigd. Door deze eenwording is de nieuwe vegetatie ontstaan. Volgens een Keltische legende heeft Lugh afgekondigd dat elk jaar aan het begin van het oogstseizoen een herdenkingsfeest gehouden moest worden ter ere van zijn bosmoeder, Tailtiu. Nadat haar volk was verslagen, kreeg zij toestemming een dicht bos te rooien met het doel daar graan te verbouwen. Ze stierf door uitputting. Zij is begraven onder een grote heuvel in Ierland, die naar haar vernoemd is. Op die plaats werd het eerste feest van Lughnasadh gevierd . Tijdens deze samenkomst werden spelen en competities gehouden en werd een groot feestmaal bereidt met de eerste vruchten van de zomeroogst.
Lughnasadh is het eerste oogstfeest. Mabon en Samhain zijn de tweede en de derde.
Het feest wordt ook wel Lammas genoemd, wat een Saksische oorsprong heeft. De betekenis hiervan is broodmis, het feest van het brood.

Lugnasadh is traditioneel een graanfeest. Het graan werd in veel culturen voorgesteld als een verschijningsvorm van de Vegetatiegod, die uit vrije wil zijn leven offerde in de vorm van het graan om de mensheid van voedsel te voorzien. Hij sterft als het graan wordt onthoofd, maar leeft tegelijk voort in de oogst en zal later herboren worden als het zaad voor de nieuwe oogst wordt gezaaid.
De laatste korenschoof zou magische krachten bevatten en afsnijden zou ongeluk brengen, aangezien ze de Graangod vertegenwoordigde. Meestal werd deze gezamenlijk geoogst zodat niemand verantwoordelijk zou zijn voor het “doden” van de God. Deze strohalm werd dan gebruikt om er een dier van te maken (vaak was dit een geit, haan, wolf of haas) die dan de vegetatiegod voorstelde of een graanpop als symbool voor moeder aarde. Deze pop hing dan de rest van het jaar boven de haard. Een ander gebruik was het verbranden van de strohalm. De as werd over de akkers gestrooid zodat de kracht van het koren over zou gaan op de volgende oogst. Meestal werd het graan van de strohalm vermengd met het nieuwe zaaigoed met het zelfde doel.


Ook dit heidense feest is door de christenen gekerstend. Sporen ervan vindt je terug in Sint Jacob (25juli) en Maria Hemelvaart (15 augustus).
Sint Jacob verwijst naar de apostel Jacobus, die rond de 15de eeuw tot schutspatroon van de akkerbouw werd benoemd. In het bijzonder de roggeoogst werd zoveel mogelijk op zijn naamdag binnengehaald. Het verhaal ging dat Jezus met zijn apostelen door een korenveld liep en dat ze korenaren plukten. Ze werden betrapt en moesten allen voor straf hun hoed afgeven. Behalve Jacobus, die beloofde het koren te beschermen. De beschermheilige wordt dan ook altijd met een breedgerande hoed afgebeeld.
Op Sint Jacob werd traditioneel eerst een rondgang om de akkers gemaakt om te keuren of de korrel al rijp was. In Jacobusdracht (geheel in het wit) werd de oogst dan binnen gehaald. Het gebruik was om niet eerder met oogsten te beginnen dan 25 juli, ook al waren de gewassen al rijp. De eerste gewassen die van het land kwamen werden vaak naar Jacobus vernoemd; bijvoorbeeld de Jacobi-aardappel.
Jacobus werd gerekend tot de waterheiligen en alle bronnen waren op zijn naamdag bijzonder geneeskrachtig. Als het water in de bron op die dag hoog stond was dat een voorteken dat de oogst voorspoedig zou verlopen.
Het weer op die dag zou een voorteken zijn van voor of tegenspoed de komende maanden. De dauw van die dag zou er voor zorgen dat de koeien die dag uitzonderlijk veel melk gaven.

Maria Hemelvaart werd ingevoerd om Maria naar voren te schuiven als de beschermvrouwe van alle gewassen. Het was die dag gebruikelijk om kruiden en bloemen te verzamelen en deze in de kerk te laten wijden. De bos bestond uit magische kruiden, zoals bijvoet en duizendblad, maar ook uit halmen van graansoorten en takken van fruitbomen. De gewijde bos werd mee naar huis gnomen en in huis of in de stallen opgehangen. De bos zou vooral bescherming bieden tegen onweer en de kruiden die erin verwerkt waren werden dan ook donderplanten genoemd. De graankorrels uit de gewijde bos werden gemengd met het zaaigoed voor het volgende jaar. Tijdens de kerkmis werden de eerste broden van het graan gezegend en uitgedeeld aan de armen. Een offer uit dankbaarheid voor de oogst.

De vaste datum van Lughnasadh is op 1 augustus. Astrologisch valt Lughnasadh op 15 graden leeuw. De astrologische datum kan dus per jaar verschillen. Er zijn mensen die voorkeur hebben voor de astrologische datum omdat dit de viering extra kracht geeft. Traditioneel begint het feest bij zonsondergang, de avond voor de feestdag.

Lughnasadh wordt in de hekserij als oogstfeest gevierd. Je bedankt in de vorm van een offer voor de oogst die je hebt ontvangen. Niet alleen de materiele, maar ook de spirituele en geestelijke oogst.
Het thema is de opoffering . De dood is noodzakelijk om hergeboorte mogelijk te maken.
Lughnasadh is een moment om te genieten van je rust na gedane arbeid. Een tijd van delen, analyseren en evalueren. Een tijd om je huidige situatie te bekijken en te leren van de manier waarop je kon oogsten van wat je gezaaid had met Ostara.

Suggesties voor Lughnasadh.
Gezien het jaargetijde leent deze sabbat zich uitstekend voor een viering in de buitenlucht. Een open plek in het bos of een viersprong in landelijk gebied is hiervoor het meest ideaal. Maar de privacy van je eigen tuin werkt ook prima.
Je kunt graanhalmen gebruiken om je altaar te versieren of de cirkel te markeren.
Het is traditioneel om graanpoppetjes te maken. Je kunt bijvoorbeeld vrienden of gelijkgezinden uitnodigen voor een workshop.
Kruiden kunnen worden gebruikt om een boeket te maken die je wijd met je eigen gewijde water.
Het is leuk om een brood te bakken in de vorm van een man. Het brood kan deel uitmaken van je feestmaal en een deel kun je offeren tijdens het ritueel.
Offer je slechte gewoontes in de vorm van symbolen in het vuur zodat er plaats komt voor het nieuwe.
Deel je rijkdom met minder gefortuneerde. Dit kan in vele vormen: een gift, een helpende hand, een goed gesprek.
Je kunt ook een dagje gaan helpen appels plukken op de boerderij.

Correspondenties:
Kleuren:Oranje, goud, groen, geel, rood en wit
Voedsel:Brood, graan en maïs, appels, zomervruchten
Dranken:Appelbier, vruchtensappen.
Bloemen/planten:Zonnebloemen, lavendel, maïs, graan, rijst, heide
Goden:Lugh, Cernunnos, de Groene Man, Zonnegoden
Godinnen:Gaia, Demeter, Cerredwin, Tailtui, Moedergodinnen
Stenen:     Gele diamant, citrien, tijgeroog, amber
Dieren:Geit, haan
Geuren: Eucalyptus, lavendel, kaneel, cederhout, rozemarijn.



Samhain

Veel mensen denken dat Samhain (spreek uit: zou-in), beter bekend als Halloween, een feest is dat uit Amerika is overgewaaid. Dit is allerminst het geval. Het is één van de oudste Europeaanse feesten. Halloween, zoals wij dat nu kennen, is ontstaan uit meerdere feesten, gevierd door verschillende culturen. Naarmate de tijd verstreek, vermengde het gebruik ervan.
De avond die de Engelsen aanvankelijk All Hallow's Eve noemden, verbasterde tot Hallowe'en en tot slot tot Halloween, de avond voor Allerheiligen.
De Engelse, Schotse en Ierse immigranten hebben Halloween in de negentiende eeuw in Amerika geïntroduceerd.

De vaste datum voor Samhain is de nacht van 31 oktober/1 november.
Astrologisch gezien het moment waarop de zon op 15 graden schorpioen staat.
Samhain is van oorsprong het Iers Keltische woord voor november. Dit feest kondigt het begin van de winter aan.
Net zoals het vallen van de duisternis voor de Kelten een nieuwe dag aankondigde gold het begin van de winter als de start van de nieuwe cyclus en dus het nieuwe jaar. De relatie van het feest met de kringloop van de natuur is heel duidelijk. Na het rijpen van de vruchten en het aanmaken van zaden sterven de planten af. Alles vergaat, behalve het zaad dat de nieuwe kringloop in zich draagt.

Door heel Europa werden door de eeuwen heen winterfeesten gevierd, op data uiteenlopend van september tot en met december. Dit is deels terug te voeren op geografische factoren, (hoe zuidelijker de ligging, hoe later de winter zijn intrede doet) deels door de ingebruikname van de zonkalender. Voor de Germanen en de Kelten golden respectievelijk de eerste en de tweede volle maan na de herfstequinox als het begin van de winter.
Het begin van de winter gold voor veel stammen als een moment waarop de doden en geesten tijdelijk terugkeerde naar de plek waar ze gewoond hadden om hier te verblijven tot aan midwinter. Deze konden door middel van divinatie geraadpleegd worden over zaken van levensbelang. Ze geloofden ook dat de geest van de dode nog een tijd in de buurt van het graf verbleef, alvorens te vertrekken. De dode moest tot die tijd van voedsel worden voorzien anders zou deze komen halen wat hem of haar onthouden werd.

Samhain wordt wel het derde oogstfeest genoemd. Maar dan in de vorm van het vlees. November wordt van oudsher slachtmaand genoemd. (Lughnasadh de graanoogst, Mabon de vruchtenoogst) Om de winter door te komen werd het overtollige en zwakkere vee geslacht. Dit werd gepekeld voor de winter. Daarnaast was het zaak om alleen de sterkste dieren te behouden want voedsel was schaars tijdens de winter.
Samhain refereert ook aan de jacht. Deze thematiek heeft oudere voorlopers dan de Keltische. De sjamaan van de stam tooide zich met het gewei van een hert en voerde dansen uit om de geesten van het wild gunstig te stemmen.
De hoorns van het hert verbeeldden de kracht en de potentie van het mannelijke in de natuur. Die Gehoornde God werd later bekend als de Keltische god Cernunnos of de Griekse Pan.
Sint-Hubertus (3 november) is de gekerstende versie van dit verhaal. De edelman Hubertus achtervolgde tijdens de jacht een groot hert. Toen hij het dier wilde doden, bemerkte hij een lichtgevend kruis tussen de takken van zijn gewei. Hubertus was zo onder de indruk het gebeuren, dat hij zich tot het christendom bekeerde. Hubertus werd zo de patroonheilige van de jacht.

Op dit keerpunt, dat niet tot de zomer, noch tot de winter behoorde, regeerde de chaos. Dit manifesteerde zich in de legende van de Wilde Heer, die met zijn bende met veel gekletter op zijn paard door de lucht vloog en soms neerstreek op een akker om alles overhoop te halen. Het volgende seizoen bleek de betreffende plek dan bijzonder vruchtbaar te zijn of er waren gaven achtergelaten. In de Germaanse gebieden heette hij Wodan.

Sint Maarten (11 november) werd de christelijke variant van de Wilde Heer.Ook hij reed op een paard en bezat een staf.
Net zoals Wodan gulle gaven bracht en Sint Maarten zijn mantel in tweeën deelde, werd men geacht die dag geschenken uit te delen in de vorm van voedsel.
Vanaf die tijd werd het slachtfeest vaak op Sint Maarten gevierd. Daar de heilige vaak met een gans werd afgebeeld, zouden de veertjes van de gans die tijdens het feest geslacht werd bijzondere krachten bezitten.
Voor de kinderen werd er een optocht georganiseerd. Zij droegen dan lampionnen vervaardigd van uitgeholde voederbieten, wortels of koolraap. Op een centrale plek werd het Maartensvuur ontstoken waar werd gefeest en gedanst.
In Duitsland maakte men op die dag een staf van berkenhout, omwonden met twijgen van de eik en de jeneverbes. Deze staf werd de hele winter bewaard. In het voorjaar gebruikte men het om vee aan te raken als het weer naar de weiden werd gebracht.
In 480 werd Sint Maarten officieel ingesteld als de advent, het begin van het kerkelijke jaar en de periode die de komst van Jezus inluidt.

De kerk stelde in 1006 Allerheiligen (1 november) en Allerzielen (2 november) in. Allerheiligen diende de doden in toom te houden. Want, zo stelde de kerk, niemand leeft zo dat hij of zij direct naar de hemel of naar de hel zou gaan. Een ieder moest een tijdje in het vagevuur verblijven om boete te doen voor je zonden. Met Allerheiligen kon je de heiligen vragen die periode voor de overledene zo draaglijk mogelijk te maken. Met Allerzielen kon men bidden voor de overledenen. Zo waren ze tijdelijk verlost van het vagevuur. Het wijwater dat op de graven werd gesprenkeld zou hun brandwonden genezen.
De kerk vond dat men geen hulp moest verwachten van een dode. Als deze enige wijsheid had, was hij of zij niet in het vagevuur terecht gekomen. Het offeren van voedsel vond de kerk dan ook zinloos; dat kon men beter aan de armen schenken.
Maar de verering van de doden was te diep geworteld, het volk zag de invoering van deze feestdagen als een gelegaliseerde aanleiding om geliefde overledenen te eren.

In de middeleeuwen ontstonden er verhalen dat in deze tijd ook andere wezens zich konden manifesteren. Als ze gerespecteerd werden kon je hun hulp verwachten, werden ze geminacht dan konden ze je dwars zitten. Trollen dwaalden rond en konden argeloze voorbijgangers de stuipen op het lijf jagen. De elfen organiseerden feesten en steekspelen en soms kon men hun bloed op de rotsen zien liggen. (In werkelijkheid blijkt dit mos te zijn dat door de vorst is aangetast en met de dooi blijft er een rode vloeistof achter.)
Omdat men niet wist of ze met de manifestatie van een overledene of met een wezen te maken had nam men het zekere voor het onzekere en werden allen geëerd met een pleng of spijs offer.
In die tijd stonden er vaak schoteltjes melk voor de deur waarvan de natuurwezens de essentie tot zich namen en werd er voedsel achtergelaten op de graven.
Daar de kerk had gezegd dat er beter geofferd kon worden aan de armen, gingen deze hun gram halen op hoogtijdagen. Gemaskerd of met zwart gemaakte gezichten, in optocht met lampionnen gingen ze de deuren langs. Vaak werd er gezongen voor wat voedsel, maar als er niets gegeven werd, kon men rekenen op vervloekingen. Vaak werden voor deze gelegenheden “zielenbroodjes” gebakken om uit te delen.
Ook onze goed heiligman Sinterklaas heeft zijn wortels in de heidense en christelijke winterfeesten. Er wordt wel verband gelegd tussen hem en Wodan. Denk maar aan de staf, het paard, de goede gaven voor hen die hem eren en “braaf” zijn. Ook het thema van de teruggekeerde doden: Sinterklaas gaat nooit dood en komt elk jaar weer terug. De zwarte pieten als demonen die je meenemen in de zak als je stout bent.
Het feest wordt altijd gevierd op de avond vóór zijn verjaardag.

In Amerika is Halloween uitgegroeid tot een van de populairste jaarfeesten. Kinderen gaan verkleed als heksen, griezels of duivels langs de deuren. Met de kreet “Trick or treat” heeft de bewoner de keuze: of een grap uithalen of trakteren. De huizen worden versierd met uitgeholde pompoenen waarin een kaarsje brand.
Tradities en thema’s van Samhain.
Lugh, de god die zichzelf offerde met Lughnasadh, en zijn reis naar de onderwereld begon met Mabon, is met Samhain gearriveerd in de onderwereld.
Deze gang naar de onderwereld symboliseert de tijd van bezinning. Er staat een nieuwe cyclus voor de deur. Wat zijn je plannen en voornemens?

Middels divinatie Kun je een blik werpen in de toekomst en antwoord op vragen krijgen. Gebruik hier voor een divinatie techniek waarin je geoefend bent.
Een leuke en simpele manier van divineren: Neem 3 hazelnoten. Een oude, een normale en een extreem volle. Werp ze voor je neer. De hazelnoot die het verst van je afvalt, geeft een indicatie over de komende cyclus. Houd in je achterhoofd dat een oude hazelnoot niet per definitie een slecht jaar hoeft te voorspellen. Het kan ook betekenen dat je nog hard moet werken aan bepaalde facetten van je leven alvorens je verder kan groeien. Een volle noot betekend niet per definitie dat het een gelukkig jaar wordt. Je interpretatie moet geënt zijn op je huidige situatie.
Schrijf de uitkomst en je gedachten daarbij op in je boek de schaduwen, zodat je het terug kan lezen.
Wellicht heb je een doel voor ogen. Vlechten is een eeuwen oude manier om iets magische kracht te geven. Neem hiervoor 3 stroken papier. Op de eerste strook schrijf je het probleem. Op de tweede het doel. Op de derde de weg die je wilt nemen om het doel te bereiken. Vlecht de stroken en bindt de boven en onderkant vast. Met een zelfbedachte spreuk werp je deze in het vuur.

Met Samhain is het de traditie om de doden te herdenken. Er zijn verschillende manieren om dit in te vullen. Een mooi gebaar vind ik het extra bord aan de tafel en een kaars voor de foto. Kijk vooral naar jouw persoonlijke behoefte.
Misschien is er pas iemand overleden en heb je geen kans gehad om afscheid te nemen. Zoek een vorm waarin je dit alsnog kan doen. Er tijd en aandacht aan besteden, op wat voor een manier dan ook, werkt goed.
Je kunt proberen contact te maken met die persoon daar de grens tussen de werelden om deze tijd het dunst is. Ik raad je aan dit te doen onder begeleiding van iemand die er in getraind is. Het is voor te stellen dat het een emotioneel gebeuren kan zijn en dan is het fijn als je jouw verhaal kwijt kunt. Verwacht ook geen spectaculaire verschijningen.
Maar je kunt het ook heel luchtig en gezellig houden door vrienden uit te nodigen en herinneringen op te halen over deze persoon.

Ook in huiselijke kring zijn er talloze mogelijkheden om aandacht te schenken aan Samhain. Ter versiering kun je kransen en slingers ophangen gemaakt van herfstbladeren, kastanjes, eikels en takken. De uitgeholde pompoen met een griezelig gezicht is traditioneel. Van het vruchtvlees kun je heerlijke pompoensoep of taart maken.

De appel neemt een speciale plaats in tijdens Samhain. In de vrucht huist het heksensymbool. Als je een appel dwars doorsnijdt zie je het pentagram. De vijf punten symboliseren de vier jaargetijden en het goddelijke element dat de eeuwige cyclus van de seizoenen in beweging houdt. Samhain is het feest van dit vijfde punt. In de Keltische traditie gold als het als symbool van de ziel. Als je  een appel schilt, kan je aan de lengte van de schil de lengte van je leven aflezen. Een grote appel gegeten met Samhain brengt geluk. Een gebruik tijdens Samhain is het begraven van een appel als offer aan de doden. De appel is namelijk ook het voedsel van de doden. De appel wordt gezien als de vrucht van kennis, magie, openbaring, liefde en vruchtbaarheid.
Samhain is het nieuwjaarsfeest voor de heksen, dus een uitstekende gelegenheid om met familie, vrienden en kennissen een Halloween party te houden.

Correspondenties:

Symbolen: Bezem, maskers, ketel, afnemende maan
Kruiden/planten: Heide, eikels, appels, salie, eik, bijvoet, munt, stro en pompoen
Kleuren: Zwart, oranje, zilver, goud, en bruintinten,
Voedsel: Appel, granaatappel, pompoen, noten, vlees
Geuren: Olibanum, basilicum, alsem, mirre, sandelhout, nootmuskaat
Godinnen: Hecate, Cerridwen, Rhiannon, Kali, Ishtar, Morrighan,
Goden: Anubis, Osiris, Odin
Stenen: Obsidiaan, Onyx,  carneool
Dieren: Uil, Zwarte kat, vleermuis
Drank: Appelcider, wijn.
Sterrenbeeld: Schorpioen.
Rune: Eihwaz.
Bloemen: Chrysanten, winterviolen.



Yule

Al verschillen de meningen, het meest voor de hand liggend is dat het woord Yule afstamt van het Deense Hjul, wat wiel betekent. Het wiel van het jaar dat symbolisch weer gaat draaien nadat rond 21 december de zon enkele dagen op het zelfde punt lijkt te blijven staan.
Een andere naam voor Yule is midwinter. Dit begrip kan wat verwarrend werken daar 21 december in deze tijd het begin van de winter markeert. Het woord suggereert echter het midden van de winter. Dit berust op het feit dat de Kelten en Germanen een tweedeling van het jaar hadden. Die van het wassende licht en die van het afnemende licht. Het weer lengen van het daglicht gaf hun het gevoel dat de winter halverwege was.

Dat de terugkeer van de zon al in de Steentijd een belangrijke gebeurtenis was blijkt uit het feit dat er stenen structuren werden gebouwd waar alleen met midwinter zonnestralen naar binnen konden schijnen. Een mooi voorbeeld hiervan is Newgrange in Ierland. De tombe dateert van 3200 B.C. Men heeft uitgerekend dat met 300 werkkrachten er minstens 20 jaar aan gebouwd is. De tombe is niervormig en heeft een doorgang van 19 meter. Elk jaar tussen 19 en 23 december valt tijdens zonsopgang 17 minuten zonlicht in de doorgang.

Yule symboliseert het feest van het licht, het vertrouwen in de eeuwig durende cyclus en de terugkeer van het leven.

In deze periode, waarin de tijd schijnbaar stil lijkt te staan, nam de mens die afhankelijk was van de opbrengst van het land het er nog even van voordat er weer geploegd en gezaaid moest worden. Zij kwamen samen en vierden feest in afwachting van het wederkerende licht. Er werd veel gegeten en gedronken want deze overvloed dwong als het ware een vruchtbare nieuwe cyclus af. Vuren werden ontstoken om het leven nieuwe kracht te geven.
Het Germaanse Joelfeest duurde 12 dagen, oorspronkelijk beginnend vanaf de eerste volle maan na de zonnewende. Volgens de mythologie raasde Wodan met de geesten van voorouders als zijn volgelingen door de nacht die hun afstammelingen de zegen gaven van overvloed. Maar ook van Holda werd gezegd dat zij de bende aanvoerde. De godin Holda was de moedergodin die levende beschermde en de doden toedekte. De tocht van Wodan of Holda met zijn of haar gevolg werd ook wel de wilde jacht genoemd. Het oude werd op alle mogelijke manieren afgebroken om plaats te maken voor het nieuwe. De teruggekeerde doden maakten het onmogelijke mogelijk.
Voor de Germanen waren bomen krachtplaatsen waar geesten huisden. Om ze gunstig te stemmen voor het nieuwe seizoen werden ze behangen met vruchten en koek.
Het Romeinse midwinterfeest, de Saturnalia, werd 6 dagen voor en na de kortste dag gevierd. Saturnalia is gewijd aan Saturnus, van oorsprong een landbouwgod die niet de dood, maar de levenskracht belichaamde die de dood overwon. De naam is afgeleid van satum, het gezaaide, en saturare, in overvloed schenkend. Saturnus moest weer wakker geschud worden om de laatste vonk van leven weer aan te wakkeren.
De 12 dagen behelsde een periode waarin alles anders was. Buiten tijd en ruimte werd alles omgedraaid. Slaven werden door meesters bediend, oorlogen werden tijdelijk onderbroken, scholen en openbare gebouwen waren gesloten.
Men bezocht vrienden en familie en bracht kleine maar waardevolle geschenken mee. Vooral waskaarsen waren een populair geschenk. Ze waren in die tijd kostbaar en symboliseerden het terugkerende licht. Daarnaast gaf het licht van de kaarsen de gelegenheid om activiteiten te ondernemen, want je kunt je voorstellen dat er in vroegere tijden na het vallen van de duisternis normaliter niet veel meer werd ondernomen. Huizen werden versierd met groene takken, het symbool van het eeuwige leven. Ze werden versierd werd met gedroogde vruchten. De derde dag van het feest was gewijd aan Ops, de godin van de vruchtbaarheid die geassocieerd werd met rijpende vruchten. Zij werd als de gemalin van Saturnus gezien.
Deze tijdloze periode behoorde ook aan de wereld van de doden. Op 23 december werd de beschermvrouw van de geesten Larentina geëerd. In haar naam werd er geofferd aan de doden.
Veel van de latere kerstgebruiken zijn geënt op gebruiken van deze feesten.

De christelijke kerk schoof heiligen naar voren om de aandacht van de heidense winterfeesten af te leiden. Toch bleven de herdenkingsdagen doorspekt met heidense gebruiken.
Lucia, geboren in de 3de eeuw gaf haar verloving op om zich te wijden aan haar christelijke roeping, waarvoor zij tijdens de christenvervolging werd vermoord.
Haar naam betekent licht en ze werd in de late middeleeuwen verbonden met de terugkeer van het licht. Tijdens het Luciafeest (13 december) ging de jongste dochter gekleed in het wit en getooid met een kroon van brandende kaarsen de slaapkamers af om alle huisgenoten koffie en lekkernijen te brengen.
13 december gold voor de invoering van de gregoriaanse kalender als de kortste dag, maar ook na de invoering ervan bleef men op 13 december haar naamdag vieren.
Op Sint Thomas (21 december) was het gebruikelijk om in de nacht alles op zijn kop te zetten. Jongeren gooiden kruiken tegen deuren kapot, in de kerken werd er gedanst. Ook het Thomasluiden was bedoeld om nieuwe levenskracht op te wekken. Met name in het noorden van ons land werd er tussen 21 en 31 December de hele dag de klok geluid. Het midwinterhoornblazen wat vooral in Twente populair was is tot heden populair gebleven.

In vele religies werd tijdens midwinter de lichtgod geboren zoals Mithras en Orisis. Of er was sprake van verjonging van de zonnegod zoals Sol Invictus.
De kerk schoof Jezus naar voren als zonnegod. Want ook hij werd vergeleken met het licht dat de duisternis verdreef. Er is nooit overeenstemming geweest over de werkelijke geboortedag van Jezus. In alle waarschijnlijkheid vond deze plaats in de lente. In de 3de eeuw werd voor het eerst 25 december als geboortedag genoemd.
6 januari (12 dagen later) gold over het algemeen als einde van de Joeltijd. In Constantinopel werd Epifanie gevierd wat zoveel betekende als verschijning. De dag dat de wijzen uit het oosten Jezus kwamen vereren.
Driekoningen zoals het nu nog gevierd wordt, vertoond nog sporen van het gebruik om de gevestigde orde te keren. De koek die gebakken wordt bevat een boon. De persoon die de boon in zijn koek vindt is koning voor één dag.

In de huidige heidense tradities staat vooral de legende van de Eik Koning en zijn broer de Hulstkoning centraal. Zij strijden om de gunst van de godin. Het is een symbolische strijd tussen licht en duisternis. Ditmaal wint de Eik koning die symbool staat voor het wassende licht en de belofte van groei. Hij zal regeren tot midzomer, dan neemt koning Hulst de scepter weer over.

Tradities en suggesties voor de Yule viering.
Het meest bekende symbool voor Yule is natuurlijk de spar. Altijd groene planten vertegenwoordigen het eeuwige leven. Oorspronkelijk was de Yule boom een eik die in brand werd gestoken als offer voor de lichtgod. Het vuur transformeert, verjongt en geeft de vonk van leven aan de eik koning die vanaf dat moment weer zou regeren. Later kwam het Yule blok in zwang. Deze werd versierd, besprenkeld met kruiden of speciale olie en daarna ontstoken met behulp van de koolresten van het jaar daarvoor.
Volgens tradities moest het vuur 12 dagen blijven branden. Het vroegtijdig doven van het vuur zou een slecht jaar voorspellen.
De 12 dagen refereren aan het aantal dagen dat de zon schijnbaar stilstaat voordat de dagen weer gaan lengen. De as die de kracht van het nieuwe leven zou bevatten werd bewaard om over de akkers te strooien met Imbolc.

Nu wordt het terugkerende licht gesymboliseerd door de lichtjes in de boom en het branden van kaarsen. Maar ook de andere versieringen bevatten symboliek.
De kransen staan symbool voor het wiel van het jaar dat weer gaat draaien. De vier kaarsen op de adventskrans verwijzen naar de vier seizoenen.
De glimmende ballen refereren aan de heksenballen, die voorbijgaande kwade geesten op afstand houden. Immers, de sluier tussen de werelden is in deze tijd nog steeds dun. De kwade geest zal gehypnotiseerd raken door de schittering van de bal. Als de geest de bal raakt wordt hij geabsorbeerd en gevangen. Daarnaast herinneren de ballen ons aan de gouden appelen in de boom der wijsheid.
Ook de paddenstoelen die je vaak in tafelversieringen ziet verwijzen naar wijsheid. De vliegenzwam werd door sjamanen gebruikt om visioenen op te wekken en zo kennis te vergaren.

De engelen werden gezien als begeleidsters van de aankomende levensgeest.
Met bellen of klokjes brachten zij middels het geluid vibratie en dus de kracht van leven naar ons toe.
Het kussen onder de maretak is een vruchtbaarheidsritueel. De maretak is gewijd aan de zon en bevorderd de vruchtbaarheid. De hulst staat symbool voor de Hulstkoning die op zijn hoogtepunt is maar het veld moet ruimen voor de Eik koning. De stekels van de hulst zouden kwaden geesten weren.

Omdat Yule bij uitstek een feest is dat met het gezin wordt gevierd is het leuk om activiteiten te ondernemen waar allen aan kunnen deelnemen.
Op de kortste dag van het jaar kun je een wandeling in de natuur organiseren om het licht te gaan begroeten. Je kunt dan gelijk van de gelegenheid gebruik maken om een Yule blok te zoeken die bij thuiskomst versierd wordt met linten en kaarsen. Het blok kan dan dienen als tafelversiering tijdens het diner.
De kinderen kunnen op zoek gaan naar een berkentak die eenmaal thuis omgetoverd kan worden tot elfenstaf met sterren en belletjes.
Ook het versieren van het huis met groenblijvende takken kan gezamenlijk plaats vinden. Denk aan het maken van kransen en het ophangen van een bos maretak. (let op: de bessen van de maretak zijn giftig)
Met Yule is een uitgebreid diner de traditie, daar de overvloed van het diner de overvloed van het komende jaar symboliseert. Maar er zijn ook andere manieren om het aspect van overvloed vorm te geven. Denk aan giften voor goede doelen of hulp aan minder bedeelden.
Het is leuk om zelf een Yulebrood of amandelkransjes te bakken. Het maken van boomstronkgebak als alternatief voor het Yuleblok is voor de meer gevorderde keukenheksen. Recepten hiervoor zijn op het internet te vinden.

De langste nacht herinnert ons eraan dat duisternis niet leeg is, maar een oneindigheid waar licht wordt geboren. De oneindigheid biedt ruimte voor nieuwe ideeën en met het terugkerende licht kan het materialiseren.
In de legende van de God en de Godin is Yule de tijd waarin de Godin bevalt van de God. De god vertegenwoordigt hier het licht dat weer terug keert. Om deze reden is Yule ook een herinnering aan de eeuwige spiraal van wedergeboorte.
In een ritueel kun je symbolisch een eigen doel in gang zetten door met een object wat jouw doel symboliseert de cirkel rond te gaan.
De vaste datum voor Yule is 21 december. Astrologisch valt de datum op het moment dat de zon zijn intrede doet in het teken steenbok. Dit jaar valt dit op 22 december.

Kleuren: Rood, groen, goud en wit.
Groen staat voor de vruchtbaarheid. Rood staat voor warmte, Goud is de kleur van het licht en wit staat voor reinheid.

Kruiden: Kaneel, kruidnagels, Rozemarijn, Maretak

Wierook: Mirre, Sandelhout, Den, Jeneverbes, Kaneel, Olibanum

Edelstenen: Bloedsteen, Robijn, Smaragd, bergkristal

Voedsel & drank: Kaneelthee, Sinaasappels, Mandarijnen, Plumpudding, Amandelkransjes, Boomstronkgebak, glühwein

Goden: Apollo, Wodan, Mithras, Saturnus, Kronos, Horus,

Godinnen: Cerridwen, Kali, Hecate, Angerona, Pandora, spinnende Godinnen



....

Site Map